Wim De Vos

Sinds 1986 werk ik als zelfstandig interieur architect, aanvankelijk vooral aan winkel interieurs en nu meestal aan particuliere opdrachten.

In 1989 werd ik ingeschreven in het Nederlands Architectenregister.

Vanaf 1991 wordt het zelfstandig werken een dag per week afgewisseld met het geven van ontwerplessen.

Eerst aan de Willem de Kooning Academie Rotterdam, daarna aan de TU Delft, aan de Design Academie Eindhoven, aan Artesis Hogeschool in Antwerpen,

Nu, sinds 2009, aan de Koninklijke Academie Den Haag en, sinds 2013,  aan de faculteit Ontwerpwetenschappen, Universiteit Antwerpen.

 

Ik hou van duidelijke ruimtes, die elk een eigen kwaliteit en sfeer hebben.

Om mijn architectuur te beschrijven citeer ik uit enkele juryrapporten:

Mart Stamprijs 1995:

“een prachtige en uiterst zorgvuldige balans is tot stand gebracht tussen ‘te veel’ en ‘te weinig’. Het interieur is sober en terughoudend zonder saai te zijn, bescheiden en subtiel. In één oogopslag blijkt dat de ontwerper een duidelijk totaalconcept, stoelend op een voorkeur voor openheid, een hoge prioriteit voor daglichtbehandeling en een zeer ontspannen manier van omgaan met de wensen van de opdrachtgevers tot in de kleinste details overtuigend heeft weten vorm te geven.”

Badkamer design award 2004:

“De jury waardeert de vernieuwende toepassing van materialen, alsmede de zorgvuldige detaillering daarvan. De situering en het ingetogen karakter van de badkamer passen naadloos in het interieur.”

Nominatie Lai Prijs 2008:

“De verbouwde woonboerderij is een ruimte met verschillende sferen, zodat men er zowel alleen kan vertoeven als met een groot gezelschap. De grote aandacht voor detail en kleur en de ambachtelijke benadering zijn de sterke kanten van het project. De inrichting van de verschillende ruimtes wordt effectief ondersteund door vrijwel onzichtbare ingrepen die ruimte en licht beïnvloeden, door geraffineerd materiaalgebruik en door keuze en plaatsing van de meubels. De jury waardeert de manier waarop De Vos de valkuilen van een dergelijke manier van werken weet te vermijden.”